Slakken die een paar gaten eten in een blad zijn geen ramp. Maar wanneer jonge sla, dahlia’s of pas uitgeplante zaailingen in één nacht met de grond gelijk gemaakt worden, denk je daar waarschijnlijk anders over. Slakken kunnen behoorlijk wat schade aanrichten in de tuin, vooral wanneer planten nog jong en kwetsbaar zijn.
Toch zijn slakken niet enkel en alleen ongewenste gasten. Ze hebben ook een functie in de tuin en lang niet elke slak die je tegenkomt, vormt een probleem. Alle slakken radicaal verdelgen is niet altijd nodig. Wanneer is het wel en niet nodig? En hoe pak je een slakkenplaag aan?
Slakken zijn opruimers
Slakken maken deel uit van het ecosysteem in de tuin. Veel soorten voeden zich met dood en afstervend plantenmateriaal, schimmels en ander organisch materiaal. Zo helpen ze mee met het opruimen en afbreken van plantenresten. Zelf staan slakken bovendien op het menu van onder andere vogels, egels, kikkers, padden en loopkevers.
Het probleem is dat sommige soorten zich niet beperken tot afgestorven materiaal. Ook zacht, levend plantenweefsel staat op het menu. Vooral jonge planten en zaailingen zijn kwetsbaar. Hun bladeren en stengels zijn nog zacht en een kleine plant heeft weinig reserve. Een volwassen vaste plant herstelt meestal zonder problemen van enkele aangevreten bladeren. Van een pas uitgeplante zaailing kan na een nacht slakkenvraat weinig meer overblijven.
Daarom merk je de aanwezigheid van slakken vaak het eerst op in de moestuin, bij pas uitgeplante eenjarigen, jonge dahlia’s en andere planten die net aan hun groei beginnen.
Een nat voorjaar? Feestje voor slakken
Slakken houden van vocht. Bij droog en warm weer verschuilen ze zich en zijn ze veel minder actief. Tijdens vochtige periodes kunnen ze zich gemakkelijker verplaatsen en langer op zoek gaan naar voedsel.
Daarom kan de slakkendruk sterk verschillen van jaar tot jaar. Een zachte winter, gevolgd door een nat voorjaar en een vochtige zomer, zijn omstandigheden waarin slakken goed gedijen. Na een flinke regenbui merk je het verschil soms letterlijk van de ene dag op de andere.
Ook binnen één tuin kan je verschillen opmerken. Onder bodembedekkers, planken, potten, stenen en dicht plantenmateriaal blijft het langer koel en vochtig. Dat zijn dan ook ideale plekken voor slakken om zich overdag te verschuilen.
Niet elke slak hoeft weg
We gooien even een knuppel in het hoenderhok: je hoeft niet elke slak meedogenloos te verdelgen. Een tuin zonder slakken is niet alleen onrealistisch, het is ook niet per se nodig. Niet elke slak hoeft weg
Kijk eerst naar de schade. Een paar gaten in het blad van een grote, gezonde plant kun je gerust tolereren. Staat er elke ochtend een rij jonge planten kaal, dan is ingrijpen natuurlijk wel zinvol.
De ene slak is de andere niet. Onder de naaktslakken zitten verschillende soorten die flinke schade kunnen veroorzaken. Ook de grote bruin gemarmerde segrijnslak, die een huisje draagt, eet graag van levende planten. De geelgestreepte huisjesslakken die je vaak in de tuin ziet, hoef je dan weer niet automatisch mee te verzamelen. Ze kunnen plantaardig materiaal eten, maar behoren doorgaans niet tot de grootste boosdoeners.
Probeer dus niet zoveel mogelijk slakken weg te krijgen. Richt je aandacht op de plaatsen waar je effectief vraatschade ziet en vooral op planten die op dat moment kwetsbaar zijn.
Tips tegen slakken
Ga op slakkenjacht
's Avonds wanneer het donker wordt, gaan slakken op pad, en dan nog het liefst na een regenbui. Dat is een uitstekend moment om op slakkenjacht te gaan. Ook vroeg in de ochtend kun je er veel vinden. Je kunt ze eventueel lokken door een vochtige schuilplaats te maken met bijvoorbeeld een dakpan en wat broodkruim. Ook de bekende bierval trekt slakken aan, al moet je zo'n val regelmatig controleren en leegmaken.
Begin niet willekeurig de hele tuin af te zoeken. Controleer vooral rond jonge planten die zichtbaar worden aangevreten en op vochtige schuilplaatsen in de buurt.
Zoek gericht
Begin niet willekeurig de hele tuin af te zoeken. Controleer vooral rond jonge planten die zichtbaar worden aangevreten. Kijk ook onder potten, planken en andere vochtige schuilplaatsen in de buurt.
Uitzetten heeft geen zin
Slakken gewoon achteraan in dezelfde tuin weer uitzetten (of pakweg over de haag gooien) heeft weinig zin. Sommige soorten kunnen behoorlijke afstanden afleggen en bepaalde huisjesslakken kunnen bovendien hun weg terugvinden.
Zaailingen beschermen
Je kunt ook voorkomen dat slakken op het verkeerde moment veel schade aanrichten. Laat zaailingen eerst wat groter en sterker worden voordat je ze uitplant. Dahlia's kan je bijvoorbeeld voortrekken, zodat de struikjes al wat groter zijn op het moment dat je ze in de tuin plant. Een stevige, jonge plant kan meer verdragen dan een klein kiemplantje.
Wanneer water geven
Slakken houden van vocht en zijn 's nachts actief. Geef dus beter 's ochtends water in plaats van 's avonds. Tegen de avond is het bodemoppervlak dan alweer opgedroogd, wat hun strooptocht bemoeilijkt.
Je hoeft het werk niet allemaal zelf te doen. Slakken staan op het menu van heel wat dieren. Lijsters zijn actieve slakkenjagers, maar ook egels, kikkers, padden en loopkevers helpen mee om hun aantal onder controle te houden. Maak je tuin daarom aantrekkelijk voor die natuurlijke vijanden.
Hagen, struiken, takken en bladeren zorgen voor beschutting, een poel of kleine vijver trekt amfibieën aan en bomen en struiken geven vogels voedsel en nestgelegenheid. Heb je kippen of eenden, dan pikken ook zij slakken en hun eitjes mee.
Verwacht niet dat één egel of kikker je slakkenprobleem oplost, maar in een tuin waar veel verschillende dieren zich thuis voelen, krijg je wel natuurlijke hulp om de slakkenpopulatie mee onder controle te houden.
Wat als jagen niet genoeg is?
Soms is de slakkendruk zo groot dat er meer nodig is dan op slakkenjacht gaan. Dan kun je bijvoorbeeld nematoden of bodemaaltjes inzetten of andere, ecologische bestrijdingsmethodes overwegen. Doe dat zo gericht mogelijk, op de plekken waar de schade groot is, in plaats van preventief de volledige tuin te behandelen.
Wil je weten welke methodes werken en welke bekende trucjes weinig verschil maken? Lees dan ook Slakken bestrijden: 10 feiten en fabels om ze te weren.
Een tuin hoeft niet slakkenvrij te zijn
Slakken kunnen in de sier- en moestuin flink wat schade aanrichten, zeker aan jonge planten. Ingrijpen is dus soms gewoon nodig. Maar dat betekent niet dat elke slak in de tuin weg moet. Pak ze aan waar ze voor problemen zorgen en accepteer ze waar de schade beperkt blijft.
Leer meer dankzij onze video's
Wist je dat we ook een goed gevuld YouTube-kanaal hebben? Met meer dan 450 video's hebben we een grote database aan informatie. Abonneer je en blijf je op de hoogte van de nieuwste video's.
In deze video vertelt Angelo hoe je de slak bestrijdt in de tuin. Hij heeft het over naakslakken, nematoden, slakkenkorrels en de natuurlijke vijanden.