Ranonkels zijn echte blikvangers in de voorjaarstuin. We noemen ze soms 'de rozen van het voorjaar', omdat de bloemen ook zo lekker gevuld zijn en in prachtige kleuren bestaan. Ontdek hoe je ranonkels plant, verzorgt en oogst, en waarom ze zo geliefd zijn als plukbloem.
Ranonkels: de rozen van het voorjaar
Er zijn bloemen die je mooi vindt, en er zijn bloemen waarop je elk jaar opnieuw verliefd wordt. Ranonkels horen zonder twijfel bij die laatste categorie. Met hun eindeloze lagen bloemblaadjes lijken ze wel een kruising tussen een roos en een pioen. En hoewel ze er misschien frêle uitzien, zijn ze verrassend sterk.
Ranonkels bloeien rijkelijk en kunnen wel tien dagen mooi blijven op vaas. Ze zijn verkrijgbaar in een enorme waaier aan kleuren. Geen wonder dat de voorjaarsbloeiers zo populair zijn in pluktuinen én boeketten.
Hoe plant je ranonkels?
Maak de knollen of klauwtjes wakker
Bollen, knollen, wortels: er wordt vanalles gezegd als het over ranonkels gaat, maar ze hebben kleine knollen. We noemen dat ook "klauwtjes", verwijzend naar de vorm van de knolletjes, alsof ze met kleine teentjes naar beneden grijpen.
Voor je de klauwtjes plant, kan je ze best enkele uren weken in lauw water. Tijdens dat badje nemen ze vocht op en zwellen ze zichtbaar op. Zo worden ze als het ware wakker uit hun winterslaap en starten ze veel gemakkelijker met groeien.
Plant de de knolletjes vervolgens met de klauwtjes naar beneden, ongeveer vijf centimeter diep.
Waar plant je ranonkels het beste?
Ranonkels houden van een zonnige plek waar de grond niet te nat blijft. Hun grootste vijand is niet zozeer koude, maar langdurige nattigheid. Wanneer de grond het water slecht afvoert, kunnen de knollen namelijk gaan rotten.
Je kan ranonkels ook kweken in potten en dan heb je iets meer controle over de watergift en drainage. Ook in een koude kas doen ze het uitstekend.
Plant je ranonkels liever rechtstreeks in de tuin, kies dan een beschutte plek met goed doorlatende grond. Op zware kleigrond kan het helpen om compost of wat zand door de bodem te werken.
Ranonkels houden niet van extreme hitte en droogte. Bescherm ze indien nodig tegen de middagzon.
Geef je ranonkels geregeld water. Ze houden niet van natte voeten, maar hebben wel nood aan vocht tijdens droge periodes.
Wanneer bloeien ranonkels?
Nadat de eerst frisgroene blaadjes aan een ranonkelplant staan, vormen zich stevige bloemstelen die uitlopen in perfect opgebouwde bloemknoppen. Afhankelijk van het plantmoment openen de eerste bloemen zich meestal vanaf april of mei. De bloei kan doorgaan tot in juni. Precies daarom zijn ze zo fijn om in de tuin te hebben: wanneer de zomerbloemen nog moeten beginnen, zorgen ranonkels al voor een overvloed aan kleur.
Nog goed om weten: ranonkels houden van zachte temperaturen. Tijdens een koel voorjaar blijven de bloemen vaak langer mooi. Bij langdurige hitte verwelken de bloemen sneller.
Waarom zijn ranonkels zulke goede plukbloemen?
Hoe meer je plukt, hoe meer bloemen
Wie een pluktuin heeft, ontdekt al snel waarom ranonkels zo geliefd zijn. Ze produceren niet één bloem, maar blijven nieuwe stelen aanmaken. Sterker nog: regelmatig plukken stimuleert de plant om nieuwe bloemen te vormen. Je hoeft dus niet eens zuinig te zijn, integendeel.
Het ideale plukmoment is wanneer de knop al mooi verkleurt, maar nog niet volledig open staat. Op dat moment zijn de bloemen stevig en ontwikkelen ze zich verder in de vaas. Snijd de steel met een plukschaar af tot net boven de grond. Zet de bloemen meteen na het plukken in een emmer fris water.
Ranonkels houden lang op vaas
Niet alleen in de tuin zijn ranonkels indrukwekkend. Ook binnenshuis blijven ze uitzonderlijk lang mooi. Door hun stevige, gebalde vorm combineren ze erg goed met lossere bloemen, al zijn ze ook prachtig in een boeket met tulpen of vroege rozen.
Enkele tips om ze te verzekeren van een lang vaasleven:
Zet het boeket niet in direct zonlicht aan het raam, maar kies een plaats in huis waar ze weliswaar licht krijgen, maar nooit in de zon komen te staan.
Verwijder bladeren die onder water hangen en ververs het water regelmatig voor het mooiste resultaat.
Met schoon water en een koele standplaats houden ze het vaak tien tot twaalf dagen vol. Tijdens die periode openen de bloemen zich steeds verder, waardoor je boeket er elke dag net iets anders uitziet.
Wat doe je na de bloei met ranonkels?
Na de bloei sterft het loof langzaam af. Op dat moment heeft de plant haar energie opnieuw opgeslagen in de knollen.
Op beschutte plekken overleven ranonkels soms de winter, maar dat blijft wel een beetje gokken. Veel tuinliefhebbers kiezen er daarom voor om de knollen na het afsterven van het loof uit de grond te halen. Maak ze schoon, laat ze goed drogen en bewaar ze op een droge, donkere plek tot het volgende plantseizoen.
Wie vooral grote, krachtige bloemen wil voor de pluktuin, kiest er soms voor om elk jaar nieuwe knollen te planten. Die geven vaak de rijkste bloei.
Een plukbloem die blijft verrassen
Voor wie nog niet overtuigd zou zijn: ranonkels hebben erg veel voordelen. Ze zijn elegant, productief en houden het lang vol op vaas. Of je nu een pluktuin hebt, een border wil opfleuren of zelf graag boeketten maakt, ranonkels verdienen absoluut een plaats in de tuin.
Een kleine waarschuwing dus: eens je begint met ranonkels kweken, wordt het moeilijk om ooit nog op te houden.