We gingen met Angelo al meermaals op tuinreis naar Groot-Brittannië en telkens valt ons hetzelfde op: een Engelse cottagetuin ziet eruit alsof hij toevallig is ontstaan. Planten groeien uitbundig door elkaar, een roos slingert zich over een oud hek, potten staan verzameld tegen een muur en tussen twee borders loopt een paadje dat nét niet helemaal recht is.
Net die ogenschijnlijke nonchalance maakt een cottagetuin zo aantrekkelijk. En het goeie nieuws is dat je niet in een eeuwenoud Engels huisje hoeft te wonen om hetzelfde effect te bereiken. Akkoord, wij hebben hier vaak geen oude stenen muurtjes of rustieke paden met die typische flair, maar er zijn wél een paar principes die we kunnen overnemen.
Wij onderzochten wat er nodig is om een stukje Engelse cottagetuin naar België en Nederland te kunnen brengen.
Een tuin hoeft niet perfect netjes te zijn
In onze Vlaamse en Nederlandse tuinen durven we al eens gefixeerd te zijn op minutieus afgestoken gazonboorden. Sommige mensen vinden onkruid het vervelendste aan een tuin en zaaien dan maar gewoon gras of leggen hun plot vol tegels. In de cottagetuin is de belangrijkste les deze: je mag die fixaties rond netheid en opruimen gewoon loslaten.
Een gazon hoeft niet tot op de centimeter gemillimeterd te worden. Een plant mag gerust eens over het pad hangen zonder dat je ze meteen moet snoeien. En als vingerhoedskruid beslist om zichzelf uit te zaaien op een onverwachte plek, hoeft dat geen probleem te zijn. Het levert misschien een combinatie op die je zelf nooit bedacht zou hebben. Net die kleine toevalligheden zorgen ervoor dat zo'n tuin natuurlijk en doorleefd aanvoelt.
Dat betekent natuurlijk niet dat je in een cottagetuin zomaar alles moet laten verwilderen. Het verschil tussen natuurlijke sfeer en verwilderde chaos zit meestal in een duidelijke basisstructuur: een pad, een haag, een hek of een goed afgelijnde border. Binnen die structuur mag de beplanting vervolgens wat vrijer zijn.
Nooit genoeg planten
Als je door een Engelse cottagetuin wandelt, zie je weinig kale aarde. Borders zijn rijkelijk gevuld met vaste planten, bollen, eenjarigen, grassen en struiken. Planten groeien tegen en door elkaar en dat is exact wat een cottagetuin zo cottage maakt.
Dat ziet er niet alleen weelderig uit, het heeft ook praktische voordelen.
Goed in droge periodes
Een dichtgegroeide bodem krijgt minder rechtstreeks zonlicht, waardoor er minder water verdampt.
Minder onkruid
Ongewenste planten hebben simpelweg minder ruimte om zich te vestigen.
Engelse cottagetuin: go lush
In plaats van vijf planten netjes verspreid in een grote border te zetten, mag je een cottagetuin dus gerust wat voller planten. Combineer daarbij verschillende hoogtes: lage bodembedekkers onderaan, vaste planten in het midden en hogere bloemen, struiken of klimmers erboven. Zo ontstaat die typische gelaagdheid van een cottagetuin.
Hekjes, poortjes en hoekjes
Nog iets dat erg opvalt in een Engelse cottagetuin: je ziet zelden in één oogopslag de volledige tuin. De Engelsen zijn meesters in tuinkamers maken, maar daarnaast kan je ook met een simpel houten rekje, een klimrek, poortje of haag zo'n effect bereiken. Het maakt je nieuwsgierig naar wat erachter gebeurt en dat maakt je tuin op slag interessanter.
Zelfs in een kleine tuin werkt dat verrassend goed. Je hoeft er geen hoge muur voor te bouwen: een subtiele onderbreking is al voldoende om verschillende hoekjes te creëren. Denk aan een bankje tussen de planten, een klein terras achter een border of een paadje dat achter een struik verdwijnt.
Een tuin voelt daardoor minder als één rechthoekig perceel en meer als een plek die je kunt ontdekken.
Duurzame materialen
Cottagetuinen zijn historisch gezien geen tuinen waarin alles nieuw en perfect op elkaar afgestemd werd aangekocht. Er werd gewerkt met wat beschikbaar was. Dat principe is vandaag minstens even interessant.
Dikke takken van snoeiafval kunnen bijvoorbeeld een eenvoudige klimsteun worden voor erwten of klimplanten.
Oude bakstenen kan je opnieuw gebruiken als boord rond een border.
Recuperatiestenen kunnen een paadje vormen.
Een oude zinken bak kan een plantenbak of mini-vijvertje worden.
De belangrijkste les: materialen hoeven niet allemaal spiksplinternieuw of identiek te zijn. Gerief dat al wat geleefd heeft, brengt net karakter in de tuin. En het is nog duurzaam ook.
Bloempotten brengen sfeer
Veel moderne tuinen zijn behoorlijk strak ingedeeld: een rechthoekig terras, rechte muren, een tuinhuis en misschien een lange afsluiting. Daar is op zich niets mis mee. Maar als alles recht, hard en vlak blijft, kan een tuin wat kil aanvoelen.
Planten zijn de eenvoudigste manier om die lijnen te verzachten. Laat bijvoorbeeld een plant een stukje over de rand van het terras groeien. Ook klimplanten zijn fantastisch voor een natuurlijke flair: ze kunnen een schutting, gevel of pergola in enkele seizoenen volledig veranderen.
Bloempotten werken ook goed. Zet liever verschillende formaten bij elkaar dan overal één losse pot. Zo krijg je sneller het rijke, informele gevoel van een cottagetuin.
Waterelementen maken het af
Water doet iets bijzonders met een tuin. En dan denken we niet eens aan een perfect aangelegde vijver met een hele filterinstallatie. Een eenvoudige waterbak, een kleine poel of een fonteintje is al genoeg.
Bewegend water brengt geluid in de tuin, terwijl stilstaand water een drink- en leefplek kan worden voor vogels, insecten en andere tuindieren. Een goed aangelegd poeltje kan zelfs een klein ecosysteem op zichzelf worden.
En ook visueel zorgt water voor afwisseling tussen al dat groen.
Heb je weinig plaats? Dan kan zelfs een grote waterdichte pot of kuip met enkele waterplanten al een leuk begin zijn.
Mooi en nuttig tegelijk
In de traditionele cottagetuin stonden bloemen, kruiden, groenten en fruit veel minder strikt van elkaar gescheiden dan hoe we dat vandaag doen. Een tuin hoeft niet opgedeeld te worden in een “mooie” en een “nuttige” zone. Beide kunnen gewoon door elkaar lopen. Tijd om dat principe opnieuw te introduceren!
- Bieslook kan bijvoorbeeld prachtig bloeien tussen vaste planten.
- Een appelboom kan perfect in een sierborder staan.
- Oost-Indische kers kan langs een rand kruipen en kruiden kunnen tussen sierplanten staan.
Dat maakt de cottagetuin niet alleen interessanter, maar vaak ook aantrekkelijker voor bestuivers.
Begin zelf met een Engelse cottagetuin
Alles bij elkaar beschouwd is de Engelse cottagetuin dus net zo mooi om haar imperfectie. Daardoor vormt ze ook zo'n zachte overgang van onze gecultiveerde siertuin naar de wildere natuur.
Wil jij vandaag beginnen met je eigen Engelse cottagetuin? Je hoeft niet op één weekend het perfecte tuinplan uit te voeren. Plant een border, kijk wat aanslaat en voeg volgend jaar weer iets nieuws toe. Zet ergens een pot neer. Laat een klimplant tegen een oude muur groeien. Maak een paadje met overgebleven stenen. Laat het gazon eens wat langer worden. Plant vaste planten dichter bij elkaar voor een vol effect.
Na verloop van tijd ontstaan vanzelf combinaties, hoekjes en kleine toevalligheden die je nooit volledig had kunnen uittekenen. En omarm dus vooral de nonchalance van de natuur.